Tag: Kunst

Zoete Zestien

[In Dutch this time]

Toevallig botste ik op een vermelding in een biografie dat Karel de Stoute 16 schildknapen in zijn tent had, die hem gezelschap hielden, voorlazen en muziek speelden. Het is niet ongewoon om een hoop extra mensen rondom je heen te hebben die dagen, maar zestien is wel veel. En waarom juist 16. Toeval of symbolisch? De dagen daarna kom ik het getal 16 nog vaak tegen, nameljk als aantal bewakers of medewerkers van mensen. Omdat 16 niet meteen een belletje doet rinkelen als bijzonder symbolisch getal (denk bijvoorbeeld aan 12, dat aan het aantal apostelen van Jezus refereert), lijkt het me vooral toeval.

Een paar dagen later ruim ik wat dozen met boeken uit het ouderlijk huis op. Ik kom een biografie van Gustav Mahler tegen, niet meteen een onderwerp dat me erg boeit, om eerlijk te zijn. Er valt een papier uit, een opgevouwen kopie van een gedicht van Margaretha van Oostenrijk. Margaretha van Oostenrijk interesseert me vooral als kleindochter van Karel de Stoute. Ze bezat ook een aantal objecten die met hem verband houden. In haar inventaris van 1516, bijvoorbeeld, staat het bekende portret van Karel door Rogier van der Weyden beschreven.

Omdat ik niet meteen het verband met Mahler zie, maar omdat ik weet dat die papiertjes nooit zomaar toevallig in een boek steken, besluit ik de biografie te lezen. Al redelijk vroeg in het boek stuit ik op een interessant detail. Mahler had in zijn kamer een prent hangen van Albrecht Dürer’s Melencolia I, hierna volgend.

Van Karel de Stoute werd al tijdens zijn leven beweerd dat hij leed aan Melancholie, van Margaretha zou je het kunnen vermoeden, als je op de ongelukken in haar leven en haar gedichten afgaat, maar is er nog een ander, aantoonbaar, verband tussen Margaretha en Dürer? Ja, en wel een rechtstreeks.

In 1520 reisde Albrecht Dürer met zijn vrouw naar de Nederlanden. Hij trok onder meer naar Mechelen, waar hij Margaretha van Oostenrijk ontmoette en haar collectie kunst en boeken mocht bekijken. Heeft hij toen het portret van Karel door Rogier van der Weyden gezien? Het dagboek geeft geen details, maar het is best mogelijk gezien Dürer erg geïnteresseerd was in Rogier. Hij was minder onder de indruk van Margaretha, want volgens zijn dagboek werd hij door haar niet beloond voor zijn moeite.

Er komen nog andere verbanden met al eerder onderzochte kunstenaars boven. In Mechelen dineerde Dürer een aantal keren met Conrad Meit. Meit is hofartiest van Margaretha van Oostenrijk en de beeldhouwer van haar grafsculpturen (nu in Brou, Frankrijk). Zo logeerde ook Gossaert, ook Mabuse, bij Meit tijdens zijn verblijf in Mechelen. Dürer vernoemt hem trouwens een aantal keren. (zie eerdere posts)

De prent Melencolia I bestond al op het moment dat Dürer naar de Nederlanden trok. Ik heb nog niet onderzocht of Margaretha er een afdruk van bezat. In de biografie van Mahler staat echter iets vermeld waar ik eigenlijk nooit eerder op gelet heb. Op de prent van Melencolia I staat een magisch vierkant, van 4 x 4 vakken:

De middenste vakken van de onderste rij tonen de datum van creatie: 1514. De rijen (gekruist of recht) tellen op tot 34 en zouden verwijzen naar de leeftijd van Dürer. Er zou ook verwezen worden naar de sterfdatum van zijn moeder. Je kunt ook allerlei patronen tussen de getallen in vinden. Daar ga ik nu niet dieper op in. Wat ik interessanter vind is dat het vierkant 16 vakken telt en alle cijfers van 1-16 bevat. Welke bijzondere mathematische eigenschappen heeft 16? Te onderzoeken.

Volgens Wikipedia is Melencolia een van de drie Meesterdrukken van Dürer. De andere zijn: De Ridder, Dood en de Duivel, en St. Hieronymus in zijn studeerkamer.

De zandloper interesseert me het meest. Ik ben die namelijk al tegengekomen, en waar je de zandloper ziet, vind je vaak de Waarheid. Er is een gezegde dat luidt: ‘De Waarheid is de dochter van de Tijd.” De Waarheid wordt vaak voorgesteld als een vrouw met een stralenkrans of een spiegel. In de eerste prent is die stralenkrans terug te vinden in de zon in de achtergrond. Bij St. Hieronymus kan het het licht dat door de vensters valt zijn, of de stralenkrans van de heilige. Maar in de prent met de Ridder, de Dood en de Duivel heb ik de spiegel of het licht nog niet duidelijk gevonden, tenzij de de wijzer bovenop de zandloper als het licht of de spiegel beschouwt, maar die komt ook bij de andere prenten voor en hoort bij de zandloper.

St. Jerome in His Study

Er zijn een paar elementen die in de drie prenten weerkeren, waarbij vooral de zandloper en de hond opvallen. Als je de vage vorm op het vreemde object links in Melencolia I als een schedel beschouwt hebben ze ook allemaal een schedel.

Deze prenten hebben weinig te maken met Karel de Stoute zelf en ik weet dus niet of ze belang zullen hebben voor de rest van het onderzoek.

Bij het nagaan van de items in een catalogus van een tentoonstelling over Margaretha van Oostenrijk is nummer 16 toevallig een middeleeuwse graalroman. Dat maakt een mooie overgang naar een volgende post.


From one virgin to another

Death of the virgin – Hortulus Animae 1517

This is the last post about Hugo van der Goes for now. It’s not even about Hugo directly. I’m through with the book and there is nothing new related to his work and the link with the tournament man to write about for the time being. But it’s a small path towards the next thing I am going to look into, the Medici Virgin by Rogier van der Weyden. I left it on the back burner because I thought it was not so relevant for the quest at first, but after seeing some other similar paintings, there are a few things I want to check before I continue with other things. We received message that the painting atelier won’t reopen before the summer holidays, and we’re still not allowed to do much apart from shopping and some sports, and the library extended the deadline to somewhere end of summer, so there is time.

Back to Virgin number 1. I was leafing through a book looking for a particular picture and came across a woodcut depicting the death of Mary, surrounded by the apostles. It reminded me of the painting by Hugo so I did some quick research on this.

The book was a popular prayer book, earliest edition with these illustrations I found was 1515. The woodcuts are by Erhard Schon and Hans Spriningklee. Not sure by which of those two the woodcut above was done but both have a link with Dürer. Schon was influenced by him and may have collaborated on Maximilian’s triumphal arch. Springinklee was a pupil of Dürer and also worked on the triumphal arch.

The above woodcut resembles the one by Dürer that predates this (I think it was 1505, not sure):

Death of Mary by Dürer

Around 1520 Dürer travelled to the Low Countries. He kept a diary that is quite interesting to read. It gives you a good idea of his life and how travelling by a man of his status was done in those times. It is clear from the diary that Dürer was just as much, if not more, a merchant as an artist.

He visited many places, including Mechelen but does not say anything special about it. Along his trip he saw many works of art, including works by Rudiger (I suppose that’s Rogier) and Hugo van der Goes. One of these works was a painting by Hugo in the Nassau chapel at Brussels. According to Elisbeth Dhanens this could have been the lost original of which a copy – St Luke drawing the Virgin – is now at Lissabon (see earlier post). In St Jacob’s church he saw a Madonna with child. Dürer also describes how he saw Michelangelo’s Madonna at the same location. The statue has been moved a couple times since and the current location is the Church of Our Lady at Bruges, the same church where the tombs of Mary of Burgundy and Charles the Bold are. I am not sure if the statue is currently back in place after the renovations but it’s interesting to think that you can still look at a piece of art that Dürer saw when it was still under warranty in a matter of speaking.

Not to be continued. We move on to another episode of the quest.


Red and/or dead

My mind is currently a fuzzy cobweb of dark thoughts, irritation and frustration. I’ll try to create some order in my chaos, though. (Bound to fail).

Still going through the books I borrowed from the library, two of them for the second time as I had used them before. There is always something new to discover. The book about Hugo, which I borrowed for the first time, has a number of versions of the Lamentation, including a good and large picture of the Oxford fragment. The theory about the identity of the people depicted is not mentioned, though (see earlier post about the identity of John).

One of the miniatures I came across during research about the links between painters and miniaturists was the miniature below, one by the Maitre de la chronique scandaleuse. The chronique is a medieval chronicle about Louis XI, king of France and it was copied for a member of Dammartin family, according to the BnF’s info. This version includes a number of illustrations by an anonymous miniaturist. The miniatures date from somewhere end of 15th, beginning 16th century. Miniaturists were mostly not known by name and often worked in a team in ateliers so it’s often hard to identify them and attribute works to them with 100% certainty.

The miniature depicts Rene of Lorraine holding the hand of the corpse of Charles the Bold when he was lying in state after the Battle of Nancy. The miniature is not very realistic because there wasn’t much left of the Bold’s face when he was found in the ice. Also the wake was a gloomy affair with a lot of black velvet, instead of all the bright colours shown here. I am not even mentioning perspective. But the historical correctness is not of an issue here. The artist of the above miniature may be connected to the tournament guy I’m researching. Unfortunately, I can’t find a lot of clear pictures of his work online, but it’s virtually impossible to see these miniatures in real in normal times, let alone in covid times. Something on hold right now.

I want to try and figure out if there is a connection between the tournament guy and the Duchy of Brabant, and/or County of Flanders. The tournament guy is also connected to Charles the Bold, but I don’t know much about it yet, there is not a lot to go on. With Covid this is also a bit on hold.

There are a couple intriguing details about Hugo van der Goes I want to look into the coming days. He lived in Gent and worked for the duke and the duchess but after Charles the Bold was killed in Nancy in 1477 he suddenly left Gent to become a lay brother at the Rood Klooster near Brussels, in 1477 or 1478 depending on the source. One of the explanations I came across was that he was afraid of the political repercussions after the death of the duke. In any case, Hugo suffered from melancholy (as was said of Charles the Bold) and had the feeling he was doomed. There is also the rumour of a broken heart. Karel van Mander writes about it in his famous “Schilderboeck”.

Daer is oock van Hughe een bysonder goet stuck, dat noch van alle Constenaers en Const-verstandighe niet vergheefs seer ghepresen is. Dit is te Ghent in een huys dat omwatert is, by het Muyde brughsken, te weten, het huys van Iacob Weytens, en is gedaen voor een schouwe oft schoorsteen op den muer van Oly-verwe, wesende d’historie van David en Abigail, daer sy hem te ghemoet comt. Hier is bysonder te verwonderen, wat een groote zedicheyt als in dese Vroukens te sien is, en wat een eerbaer soet wesen, welcker zedicheyt soo manierlijc is aen te sien, dat de Schilders van desen tijdt wel haer Vroukens daer mochten te schole seynden, op dat syse hen mochten af leeren: voort den David sit oock seer statelijck te Peerde: summa, t’werck is van teyckeninghe, inventie, actien, en affecten, alles uytnemende: want hier oock het affect der Liefden (so men seght) mede in gewrocht, en Cupido de Pinceelen heeft helpen stieren, in geselschap van zijn Moeder en de Gratien: want Huge noch vry geselle wesende, daer ten huyse vrijdde de dochter, daer hy seer op verlieft was, de welcke hy in’t stuck oock heeft nae t’leven ghedaen.”

When Hugo died he was probably about the same age as Charles the Bold. I am not sure of the cause of his death. I checked what Karel van Mander has to say about his death in his Schilderboeck but he just writes he doesn’t know where or when Hugo was buried (he was buried in the grounds of the monastery, nb).

To be continued.


Petrus

Detail of Lamentation of Christ by Petrus Christus, Old Masters museum, Brussels

Have been looking through some pictures I took when I went to the Old Masters museum of Brussels and realised I must not forget to look into Petrus Christus too.

The lamentations of this period all look a bit similar, but there are always celebrities to spot. Like this one by Rogier van der Weyden, located at the Mauritshuis, Netherlands.


Item #8: Virgin with four saints (Medici Virgin)

The next item of the subquest list (see earlier post) is number 8, the Medici Virgin by Rogier van der Weyden (atelier) because there are a couple mysteries surrounding it.

I don’t know if I’ll finish it tonight, so I will pre-post the image, in case anybody has any comments. I’m not offering a reward for useful tips (except a bad copy of it ;))

Update 24.04.2020 – The small research I did last night opened up a lot of new corridors of the labyrinth, so it’s going to take a bit longer than expected.


Follow

Get every new post delivered to your Inbox

Join other followers: