M4XR2K

Demons at Midnight

[Part II of Evening song – A dystopian cartoonish fantasy in a more or less dead language]

Ik grijp het gevest van mijn sabel stevig vast en ga op weg. Aan het einde van de tunnel kom ik in een ronde lage kamer terecht, met kale wanden en een strak vloertje van zwart en witte tegels. Er staat een man met dikke wangen en een aardappelneus me op te wachten. Hij draagt een sjieke hemelsblauwe houppelande en een bruine fluwelen hoed met bont omrand. Duidelijk geen bedelaar. Ik heb zo’n idee dat de oude adel goed vertegenwoordigd is in de hel.

‘Elf is die kant op,’ zegt hij en wijst naar een smalle opening aan de overkant van de kamer.

‘Hoe weet je dat ik Elf zoek?’

‘Hij heeft me gevraagd je op te wachten en je de weg te wijzen.’

Hij spreekt verdorie Frans tegen me. Middeleeuws Frans. Ik kan de gotische letters in zijn mededeling bijna horen. Gelukkig heb ik al veel geoefend met Elf. Ik schakel over op zijn moedertaal. ‘En jij bent?’

Hij buigt even zijn hoofd. ‘Jean, Duc de Blackberry.’

Ik knik. ‘Een hertog? Nog een? Zoveel hertogen! Zowat iedereen is hertog tegenwoordig. Delen ze die titels gratis uit bij de cornflakes of wat?’

Hij negeert mijn smalende opmerking, voornamelijk omdat ik deze keer Nederlands heb gesproken en hij er niks van gesnapt heeft. Hij blijft wijzen en ik zeg hem gauw gedag terwijl ik mijn weg verderzet in de aangegeven richting.

Het is niet moeilijk Elf te vinden. Als ik in zijn buurt kom gaat mijn huid tintelen en mijn vingertoppen worden gevoelloos. Hij kan niet meer veraf zijn. Na nog een paar smalle gangen kom ik terecht in een grote grot, donker op de lichtcirkels van de brandende toortsen die hier en daar tegen de wanden bevestigd zijn na.

Elf hangt gekleed in een lang zwart gewaad nonchalant op een troon van schedels en gebroken zwaarden. De armleuningen worden bekroond door twee drakenkoppen. Naast de troon aan zijn voeten ligt een hoge stapel boeken om.

Uiterlijk lijkt hij kalm maar zijn ingehouden woede slaat als hitte tegen mijn gezicht. Hij heeft zijn benen languit uitgestrekt en houdt een gouden beker in zijn hand. Hij neemt een slok en steekt dan de beker naar me uit. ‘Wil je ook wat?’

Ik heb dorst maar weiger.  ‘Nee, laat maar, die truuk ken ik al.’ Ik herinner me Zeventiens raad. Eet niets, drink niets in de Onderwereld. Neem niets met je mee, of hij laat je niet meer gaan.

‘Niet dan,’ gromt hij en neemt nog een slok voor hij de beker op de grond aan zijn voeten zet. Hij kruist zijn armen.

Ik kijk om me heen. Dit wansmakelijke decor, dit theatrale vertoon, dat is niks voor hem, dat is niet zijn stijl. Ik vraag me af wat hij ermee wil bereiken.

Uiterlijk is hij niets veranderd. In zijn glinsterende nachtzwarte ogen schemert nog steeds de waanzin. Ik blijf op mijn hoede.

‘Ik weet waarom je bent gekomen,’ zegt hij.

Ja, uiteraard weet je dat. Want je hebt twee gezichten. Je kijkt voor je uit naar wat nog gaat komen, en je kijkt achterom naar wat voorbij is. Jij bent de Tijd, Elf, en als ik Twaalf tot leven wil wekken moet ik jou verslaan. Het is zo logisch als wat. Maar ik wil je niet doden als het niet nodig is. Er moet een andere manier zijn.

Ik omklem het gevest van de sabel die ik nog steeds in mijn handen houd. Elf ziet het en snauwt: ‘Je kunt me niet doden met een zwaard! Niemand kan me doden! Ik besta alleen in je hoofd!’

‘Ik bén Niemand,’ zeg ik. Ik staar naar de sabel in mijn hand die in een kronkelende slang verandert. Ik laat hem geschrokken op de grond vallen. ‘En toch kan ik je niet doden. Ik ben geen held of god. Ik heb geen macht over de tijd. Ik ben maar een getuige.’

‘Vergeet Twaalf. Twaalf is onbelangrijk voor het vervolg van jouw verhaal. Zeventien maakt je dingen wijs. Zo is hij wel, de gezant. Een bedrieger met zijn listen en lagen.’

Hij staart naar me, staart diep in mijn ogen. Zijn eigen ogen zijn glazig als spiegels. Ik zie mezelf twee keer weerspiegeld en Elf zit stil als een marmeren beeld op zijn troon en waart in mijn hoofd rond, opent deuren en slaat ze weer hard achter zich dicht. Ik heb geen idee naar wat hij zoekt. De draak op mijn rug brandt in mijn huid en in mijn ziel. Ik haal diep adem.

Ik moet je doden, Elf. Het staat zo in het handboek. Zeventien heeft me de lijnen getoond, opgetekend in zijn nette, regelmatige handschrift in gouden inkt, in het dikke boek met een omslag van zwart fluweel en bedekt met robijnen, smaragden en saffieren en gesloten met twee platina gespen.

‘Wie is Twaalf dan wel, Kronos? Vertel het mij! Als het niet de hertog is?’

Hij klemt zijn vuisten tot een bal, slaakt een kreet van woede en sist dan: ‘Wie heeft je mijn ware naam verraden? Was het Zeventien?’

‘Nee, ik heb het zelf gevonden, in een boek. Het was niet zo moeilijk alles bij elkaar op te tellen. Een plus een is elf. Of twee.’

‘Maar Twaalf stond er niet in.’ Een mededeling, geen vraag.

‘Nee, daarom kom ik het jou vragen. Ik vind hem niet. Ik weet wie hij was, ik weet waar hij was maar ik weet niet waar hij nu is.’

‘En je maatje Zeventien? Kan die je niet helpen?’

‘Al in maanden niks meer van gehoord.‘

Hij snuift en rolt met zijn ogen. Hij buigt zich voorover en raapt iets op van de grond en werpt het me met een listige lach toe. Het valt met een klap aan mijn voeten neer.

Het is een oud boek met een omslag in hout en leer. Ik raap het op en trek de klemmen open. Op het eerste blad staat een prent met een lam en een zwaard op een gebloemd tapijt, in een dikke zwarte houtblokdruk.

‘Wat is dit?’

‘Zegt het je niets? Die prent?’

‘Ik ben de laatste tijd al zo veel schapen…’ Ik maak mijn zin niet af.

Spiegels….dat is het. Alles is omgekeerd, weerkaatst in rokerige spiegels. Ik moet de ram niet offeren. Ik ben zelf de ram en ik zoek het zwaard.  Het begint me te duizelen. Ik moet Elf niet doden, Twaalf niet tot leven wekken. Het is omgekeerd.

Nee… nee… nee…

Ik hoor in de verte Elf grinniken.

‘Weet je nu eindelijk waar de klepel van de doodsklok hangt?’

‘Maar…’

Elf steekt zijn hand op en snoert me de mond. ‘Sht’, zegt hij. ‘Ik weet wat je wil zeggen, maar maak je geen zorgen. Daar heb ik een oplossing voor.’

Hij klemt zijn handen om de draken en buigt voorover. Hij begint woorden te prevelen, in zijn eigen taal. Ik versta niets van wat hij zegt maar de grot rondom mij begint te tollen. Ik word zo duizelig dat ik mijn ogen sluit. Het wordt steeds kouder. Ik ben misselijk en begin te kokhalzen. Ik wankel op mijn voeten.

Na enkele minuten houdt het tollen op. Ik hoor Elfs stem niet meer maar ik heb het nog steeds koud. Er staat een harde wind en ik voel iets nats op mijn hoofd vallen. In de verte hoor ik een luide kreet. Een stem die ik niet ken.

Ik open langzaam mijn ogen.

****

 

Maugis the Bewitched

M4XR2K

Virtueel toerisme

Gewoon een snelle update in hectische tijden.

Schilderen: vooral academieopdrachten  op het moment: een portret, een interieur, een landschap afgwerkt.

Boeken lezen tussendoor:

De Barbara Cartland is uit. Zo slecht dat het weer goed is.

Eindelijk weer aan de revisie van Azoth begonnen. Het was handiger geweest als ik deze twee  oude boekjes over de Mont St. Michel al ter inzage had gehad toen ik de eerste versie van Azoth neerpende in de gebruikelijke NaNoWriMo mayhem maar ze komen bij de revisie ook goed van pas.

Verder ben ik na de biografieën over Velazquez uit de bib  deze biografie over Bruegel aan het lezen die rondslingerde in het ouderlijk huis. Veel interessante weetjes, geen idee over alles klopt maar dat mag de pret niet drukken.  Dik boek dus nog niet uit.

Series/film:

Gisteren naar Jupiter Ascending gekeken, de meest weirde slechte film die ik tot nu toe gezien heb.  1/5, vooral voor de visuele aspecten.

Twee afleveringen van Lucifereen soort Castle meets Supernatural. Ieder zijn meug maar niet de mijne. Misschien moet het nog echt vertrekken. 2/5

Een aflevering van de serie TroyOok al afgrijselijk.  0/5.

Misschien ben ik gewoon een erg moeilijke klant, ha ha ha.

See you lators, alligators.

 

M4XR2K

Les rois maudits – Druon

Ik zie mijn boekverzameling eerder als een soort wolk (oftewel “cloud”) waarin alles vendiagram- en pijlgewijs met elkaar verbonden is, dan een nette, volgens bibliotheeknormen geordende collectie.

Les Rois Maudits door Maurice Druon – Deze pockets uit de jaren 70 vond ik ergens onderin een oude boekenkast bij mijn ouders. Het kan best dat ze nog van mijn grootmoeder kwamen. Die was geobsedeerd door de Franse adel en koning en prinsessen en allerlei andere soorten klatergoud.  De romans van Druon over de Franse middeleeuwen zijn in het Engels verschenen als The Accursed Kings en zoals ik achteraf op Wikipedia las, blijken ze een inspiratie geweest te zijn voor Games of Thrones-auteur George Martin. Ik weet niet of ik ze helemaal ga lezen. Ik lees niet zo graag Franse boeken (en dat doet me eraan herinneren dat ik de rest van de Sèdes boek nog moet vertalen). Ik heb ooit een stuk van de tv-serie bekeken maar die was aan de saaie kant. De verhalen gaan echter over een periode die wel weer bij de rest van mijn collectie past, namelijk de Middeleeuwen en de tempeliers. Dus nog maar even bijhouden. Het zijn kleine pockets en ze vullen de gaatjes op.

 

 

M4XR2K

The quest for the Holy Grail, episode 666

This post is not really going to be about the Holy Grail, more about illustrations. Random inspiring illustrations that have a vague or not so vague connection to Hell and demons.

While cleaning up old children’s books that came from my grandmother I encountered a copy of ‘Parzival de reine dwaas’ (Parsifal the pure fool). The writer of the book is Cor Ria Leeman and it was illustrated by Rik Jansseune (1955). The book starts with a prologue that describes how Lucifer lost his emerald while battling Michael, which is quite interesting as I am not used to reading stories about the lapis exillis in a children’s book. Here is a rather dramatic scene with the Grail:

Another interesting illustrator of Parsifal (1912) is Willy Pogany. I can’t find direct online versions so I have to go via Pinterest. There is plenty to be found  in general searches online though. What I find interesting about the illustrations are not just the drawings themselves but the way he uses blank space:

One of the most famous books about Hell and demons apart from the better parts of the bible is the Divina Commedia. I have a few (modern reprints, obviously) versions of the Divina Commedia, some sort of medieval roadtrip. In the first leg of the tour, Dante and Vergil go visit Hell. I have always been fond of the illustrations of Gustave Doré. They are iconic and can be found everywhere so I’m not including a sample of those, just some more obscure ones. For starters the interesting paintings (not sure what they are,  they look like watercolours) by François-Maurice Roganeau . For example:

I found them online here:  La Divine Comédie, Dante, peinte par François-Maurice Roganeau, Laurens 1912

Doré, whom I mentioned before also illustrated Paradise Lost. Those illustrations are just as famous, so not including a sample of those. (I do like Dorés enourmous painting of Virgil and Dante, btw).

However, by accident I discovered that Milton’s book was also illustrated at the beginning of last century by a certain William Hyde about whom I can barely find information online, just a couple samples of his moody black and white illustrations:

That’s about it. I have to do some real work now.

 

M4XR2K

The Origin of Faeces

Zo, terug van weggeweest en gezien geen internet vorige week, vandaag vooral bezig geweest met afhandelen van administratie. Nu is het weer tijd voor fun, zoals de site updaten en andermans updates lezen, etc. Maar eerst nog dit:

Het is nogal goedkoop om te spotten met Dan Clown Brown. 14,99 euro voor het e-boek om precies te zijn, maar wat steekt een mens traditiegetrouw in zijn bagage wanneer hij of zij enige tijd in vliegtuigen en hun opstijgplaatsen dient te verwijlen? Juist, ja.

Mijn eerste Dan Brown was Angels & Demons, haastig opgepikt in de laatste krantenkiosk voor de gate. Daarna volgden nog enkele vliegtuigreizen en  The Holy Blood & The Holy Grail, pardon, The Da Vinci Code, Iets Over Aliens En Antartica Ben De Titel Vergeten, National Treasure, pardon, The Lost Symbol, de Divina Commedia, pardon, Inferno, en tenslotte een TED talk, pardon, Origin. Ondertussen kijk ik telkens uit naar de nieuwste Dan Brown met dezelfde gevoelens als waarmee ik de pimple popper gadesla op YouTube. Met genot en afgrijzen tegelijkertijd.

Het is ook nogal gemakkelijk te kappen op DB’s schrijfstijl. Akkoord, die is niet zo denderend maar ik heb onlangs een boek dat een of andere literaire prijs had gewonnen letterlijk na twee bladzijden moeten neerleggen omdat ik er niet door raakte dus zo erg is het allemaal niet. Ik geef toe, zijn plots zijn formulematiger dan FC De Kampioenen en zijn held Langdon is een entropische mix van James Bond en Kabouter Plop maar DB slaagt er toch weer telkens in een interessant onderwerp vakkundig te verkrachten. Dat is niet iedereen gegeven.

Hier zou ik nu SPOILER ALERT moeten zetten maar gezien Dan Brown uit zuinigheid slechts één plot gebruikt is er niet veel te spoilen. Professor Langdon raakt in de problemen en moet met een knappe, vrouwelijke sidekick [insert name] op de vlucht slaan in [insert random stad met veel oude gebouwen en andere random oude troep]. De geniale gek Elon Musk, pardon, Edmond Kirsch wordt vlak voor een belangrijke onthulling vermoord maar laat  een puzzel na gebaseerd op een oud document [insert name] die Langdon moet oplossen terwijl hij op de vlucht is voor een gemene moordenaar [insert name]. die in opdracht van [insert weirde fanatieke sekte] handelt . [Insert vele achtervolgingen]. [Einde waarin de ontknoping saaier wordt uitgelegd dan eender welk item op Kanaal Z en die meer vragen oproept dan ze beantwoordt.]

Ik heb Origin helemaal uitgelezen. Heerlijk. Vooral de eigenaardige sideplot met de Spaanse koning kon mij wel bekoren. Het ontlokte dezelfde gevoelens als de verrassingsmomenten in horrorfilms. Je weet dat het gaat komen en je zet je schrap maar toch wip je een meter omhoog als het monster plots weer tot leven komt. WTF, waar kwam dat vandaan, lol?

Ondertussen zit Dan Brown op een berg bankbiljetten zijn goud alfabetisch te klasseren dus zo slecht zullen zijn boeken dan ook weer niet zijn.

En nu ga ik eerst snel wat ‘huiswerk’ maken voor morgen en met veel zin vakkundig een van Dyck vermoorden [Portrait of a man in armour with a red scarf om precies te zijn].

Goodnight, ladies. Goodnight.